Thursday, November 09, 2006

Dag

Dwang roept mij om in dit uur van ontij geen dag
te passen. We moeten elkaar even spreken –
zien is uitgesloten –, zoveel is mij wel duidelijk.

Mijn schaduw volgend in het lange autolicht
vind ik mijn weg langs gepolijste klaagstenen.
Hier en daar flikkeren woorden ter herinnering,

maar zo niet wij. De toekomst ligt hier begraven
om voor eens en voor altijd ontsloten te worden
door ons samenzijn. Waar is het wachten op?

Het was maar voor even. De nacht houdt de wacht.